Bestuursrecht 86.55
Publicaties
Links
Sorteer op:
| • | Titel: | 'Quality of Decision-Making in Public Law |
|
| Auteur: | K.J. de Graaf, J.H. Jans, A.T. Marseille &. J. de Ridder | ||
| Bron: | RuG | ||
| Beschrijving: | Europa Law Publishing, 2007 Digitale versie (PDF) van het gelijknamige boek, ISBN 9789076871851 | ||
| • | Titel: | ‘Europeanisation’ of the law: consequences for the Dutch judiciary |
|
| Auteur: | Prechal, S.; Ooik, R.H. van; Jans, J.H.; Mortelmans, K.J.M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| • | Titel: | Algemene Inleiding op de Wet Bibob |
|
| Auteur: | Van den Berg, A.; Tollenaar, A.; Veldhuis, R. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jonge VAR | ||
| Jaar: | 2008 | ||
| Abstract: | De Wet Bibob is bedoeld als een van de instrumenten om dit probleem aan te pakken. In deze wet wordt gekozen voor een bestuursrechtelijke aanpak, naast het bestaande strafrechtelijke instrumentarium. Op grond van deze wet kan het bestuursorgaan beschikkingen weigeren of intrekken, indien gevaar bestaat dat deze worden gebruikt voor criminele activiteiten. In dit algemene deel wordt, als inleiding op de preadviezen, de aanleiding van deze wet en de wetsystematiek globaal beschreven. Deze beschrijving mondt uit in een aantal vragen en aandachtspunten, die in de preadviezen worden behandeld. Het preadvies 'Instrumentele waarde van de Wet Bibob' is eveneens in de repository geplaatst. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State 17 februari 2010 (Functioneel overtreder hennepkwekerij) |
|
| Auteur: | Ruigrok, L.D. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State 21 april 2010 (preventieve dwangsom) |
|
| Auteur: | Ruigrok, L.D. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | Work Support Holding B.V (WSH) heeft een aantal woningen in de gemeente Rotterdam in beheer waarin zij met name Poolse uitzendkrachten huisvest. Volgens het college van b en w heeft WSH deze panden meermalen zonder vergunning omgezet van zelfstandige in onzelf-standige woonruimte hetgeen in strijd is met de Huisvestingswet, de Huisvestingsverordening en het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken. Omdat het college de kans groot acht dat zij hiermee doorgaat, legt het een preventieve dwangsom opgelegd. De rechtbank stelt het colle-ge in het gelijk. In hoger beroep betoogt WSH dat de rechtbank miskent dat de last niet duidelijk is en dat de door het college gestelde overtredingen niet hebben plaatsgevonden. De preventieve last voldoet haars inziens niet aan de vereisten die volgens vaste rechtspraak hieraan worden gesteld. De preventieve last voldoet haars inziens niet aan de vereisten die volgens vaste rechtspraak hieraan worden gesteld. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen kan een preventieve last slechts worden opgelegd, als het gevaar van overtreding klaarblijkelijk dreigt. Voorts moet de te voorkomen overtreding in de last voldoende duidelijk zijn omschreven. De rechtbank heeft de aan WSH opgelegde last met juistheid voldoende duidelijk geacht. De in het verleden vastgestelde over-tredingen vormen volgens het college de grondslag voor het opleggen van de preventieve last. De omstandigheid dat de voorschriften in het recente verleden veelvuldig zijn overtreden kan een aanknopingspunt vormen voor het oordeel dat gevaar voor de overtreding klaarblijkelijk dreigt. In dit geval kunnen de geconstateerde overtredingen het opleggen van de preventieve last niet zonder meer rechtvaardigen. Hoewel de rechtbank terecht overweegt dat de wijze van verhuur door WSH niet aan de omschrijving van een duurzaam gemeenschappelijk huishouden voldoet, heeft zij hieraan ten onrechte doorslaggevende betekenis toegekend; de Richtlijn onzelfstandige bewoning dateert van na het merendeel van de overtredingen en is niet aan WSH kenbaar is gemaakt. Onder de nieuwe gedragslijn zal eerder tot een overtreding van de voorschriften worden geconcludeerd dan onder de vorige gedragslijn. Indien een woning door maximaal vier personen wordt bewoond, is de enkele omstandigheid dat WSH eerder overtredingen heeft gepleegd dan ook niet voldoende voor het opleggen van de preventieve last. Het besluit op bezwaar rust op dit punt niet op een voldoende draagkrachtige motivering. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State, LJN BH6312 (Sluiting Woningwet) |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Sluiting van een brandgevaarlijk gekraakt gebouw op grond van artikel 97 Woningwet | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State, LJN BJ6075 (Circus Renz) |
|
| Auteur: | Vols, M.; Brouwer, J.G. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | De Gezondheids- en welzijnswet voor dieren regelt uitputtend het welzijn van dieren. De gemeenteraad komt derhalve niet de bevoegdheid toe om de wet aan te vullen. Het besluit van de burgemeester om, op grond van APV-bepaling, een evenementenvergunning te weigeren in het belang van welzijn van dieren is onrechtmatig. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij CBB 10 juli 2007, Koninklijke DSM N.V./Minister van Economische Zaken |
|
| Auteur: | Adriaanse, P.C., Ouden, W. den | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Rb. Rotterdam, LJN BH8651 (Avondklok twaalf-minners) |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Een brief van de burgemeester waarin ouders wordt meegedeeld dat voor hun kind een avondklok geldt, is geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb. Het betreft een waarschuwing inhoudende dat de politie tot feitelijk handelen kan overgaan; zij is niet op een wettelijke grondslag gestoeld. Met uitgebreide noot omtrent de wettelijke mogelijkheden van een dergelijke avondklok voor kinderen onder de twaalf jaar. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Rechtbank Breda 19 april 2010 (Sluiting 174a Gemeentewet Tilburg II) |
|
| Auteur: | M. Vols | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Rechtbank Breda 19 april 2010 (Sluiting 174a Gemeentewet Tilburg II) |
|
| Auteur: | M. Vols | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Rechtbank Breda 5 juni 2009 (Sluiting van woning, anders dan wegens drugsoverlast) |
|
| Auteur: | Brouwer, J.G.; Schilder, A.E | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | AB 2009/325 | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Rechtbank Roermond , LJN: BH3327 (Gebiedsontzegging) |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Het enkele feit dat een strafbepaling is overtreden is onvoldoende om een gebiedsontzegging op te leggen. Bij de oplegging van een gebiedsontzegging dient een op de specifieke omstandigheden van het geval toegespitste weging van alle belangen plaatsvinden. De eisen van proportionaliteit en subsidiariteit moeten daarbij een rol spelen. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Voorzieningenrechter Rb. Rotterdam, LJN: BH2366 (Tijdelijk huisverbod) |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Voorzieningenrechter Rechtbank ‘s-Gravenhage, LJN: BH5737 (Sluiting café ogv Damocles) |
|
| Auteur: | M. Vols | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Voor sluiting op grond van artikel 13b Opiumwet van een horeca-inrichting is niet vereist dat drugs in het café zijn aangetroffen. Geanonimiseerde politierapportages waaruit drugshandel blijkt, vormen voldoende onderbouwing van de aannemelijkheid van drugshandel. Daarnaast hoeft om van drugsverkoop te kunnen spreken, de levering en betaling van de drugs niet in het café plaats te vinden. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Voorzieningenrechter Rechtbank Roermond, LJN: BI1270 (Sluiting drugswoning) |
|
| Auteur: | M.Vols | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Een besluit om een woning op grond van artikel 13b Opiumwet, zonder voortijdige waarschuwing of geboden begunstigingstermijn, dient deugdelijk te worden gemotiveerd. Bij deze motivatie mag niet verwezen worden naar verouderde beleidsregels. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Vz. Rb. Breda 16 oktober 2009 LJN BK0452 (Coffeeshops Rozendaal) |
|
| Auteur: | Vols, M.; Brouwer, J.G. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | De weigering tot gedogen van een bestaande (vroeger gedoogde) coffeeshop wordt in casu aangemerkt als een besluit. Dit besluit, de overgangstermijn van een half jaar en het achterliggende cannabisbeleid (zijnde een nulbeleid) wordt door de voorzieningenrechter niet als kennelijk onredelijk besluit gezien. | ||
| • | Titel: | Annotatie bij Vz. Rb. Breda, LJN BI6630 (Woningsluiting Tilburg) |
|
| Auteur: | Vols, M.; Brouwer, J.G. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Sluiting van een woning wegens bedreiging en vernieling op grond van Wet Victoria wordt volgens annotatoren ten onrechte rechtmatig geacht. | ||
| • | Titel: | annotatie DB6690 R'bank Maastricht 12-09-2009 |
|
| Auteur: | M.Vols | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Abstract: | Sluiting van een woning op grond van artikel 174a Gemeentewet is rechtmatig wanneer uit een deugdelijk dossier blijkt dat door concrete, objectieve en verifieerbare gedragingen in de woning de openbare orde rond de woning ernstig wordt verstoord. | ||
| • | Titel: | Belemmeringen voor (zichtbare) bestuursrechtelijke rechtsvorming |
|
| Auteur: | Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Ars Aequi | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Bemiddelen in de besluitvormingsfase. Een plicht voor het bestuur? |
|
| Auteur: | H.D. Tolsma | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht (NTB), 2006, afl. 3, p. 69-75. | ||
| • | Titel: | Bevoegdheid = verplichting? Enkele opmerkingen over de uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Kühne & Heitz |
|
| Auteur: | Jans, J.H.; De Graaf, K.J. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | NTER nr. 4 april 2004 | ||
| Beschrijving: | In hoeverre kan het in artikel 10 EG neergelegde beginsel van Gemeenschapstrouw een nationaal bestuursorgaan verplichten terug te komen op een besluit dat achteraf in strijd is gebleken met Europees recht, maar inmiddels formele rechtskracht heeft gekregen? Beantwoording van deze vraag houdt verband met artikel 4:6 Awb. Daarin ligt een afweging besloten tussen het verwezenlijken van de materieelrechtelijke aanspraken van Kühne & Heitz en de rechtszekerheid voor het bestuursorgaan en eventuele derdebelanghebbenden. Hoewel de omstandigheden van het geval van doorslaggevend belang zijn voor de beantwoording van de prejudiciële vraag, zodat niet snel tot verstrekkende conclusies kan worden gekomen, lijkt de toepassing van artikel 4:6 Awb, wellicht anders dan in een zuiver nationaalrechtelijk geschil zou worden verwacht, te leiden tot een verplichting om terug te komen op een rechtens onaantastbaar besluit. | ||
| • | Titel: | Bevoegdheid blijft bevoegdheid? Terugkomen op met het gemeenschapsrecht |
|
| Auteur: | Jans, J.H.; Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniveristeit Groningen | ||
| Beschrijving: | In dit artikel wordt de vraag besproken: wat behoren bestuursorganen te doen indien zij besluiten hebben genomen die in strijd met het gemeenschapsrecht blijken te zijn, maar deze besluiten, doordat belanghebbenden geen gebruik hebben gemaakt van de hen ter beschikking staande bezwaar- en beroepsmogelijkheden, in rechte onaantastbaar zijn geworden? | ||
| • | Titel: | BUG - Alutechnik. De Europese invloed op het vertrouwensbeginsel bij terugvorderingszaken. |
|
| Auteur: | Ouden, W. den | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | Comparitie en regie als panacee voor het bestuursrechtelijke beroep? |
|
| Auteur: | Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Trema | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Comparitie en regie in de bestuursrechtspraak |
|
| Auteur: | A.T. Marseille | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | ISBN 9789036742702 | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | Verslag van het onderzoek naar de vier projecten die zijn uitgevoerd bij sectoren bestuursrecht van rechtbanken in 2008 en 2009 | ||
| • | Titel: | De bestuursrechter en diens vrijheid : Van actief naar lijdelijk (en weer terug?) |
|
| Auteur: | Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniveristeit Groningen | ||
| Beschrijving: | Gepubliceerd in: Trema 2007, afl. 10 p. 423-431 - Een gemiddelde bestuursrechter zet een paar honderd keer per jaar zijn handtekening onder een uitspraak. Het is niet ondenkbaar dat hij af en toe, vlak voor de ondertekening, door twijfel wordt bevangen over de juistheid van zijn uitspraak. Er kunnen vele redenen voor twijfel zijn, maar voor zover we te maken hebben met een gemiddelde (dus hardwerkende, intelligente en evenwichtige) rechter, is zijn twijfel hoogstwaarschijnlijk terug te voeren op de vrijheid die hij bezit. | ||
| • | Titel: | De Bourbon. De betekenis van de begroting binnen het bestuursrecht |
|
| Auteur: | Ouden, W. den | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | De effectiviteit van bestuurlijke en strafrechtelijke milieuhandhaving |
|
| Auteur: | Winter, Heinrich | ||
| Bron: | Rijksuniveristeit Groningen | ||
| Beschrijving: | De vraag die in dit onderzoek centraal stond is: wat is in elke situatie de meest effectieve inzet van bestuursrechtelijke en/of strafrechtelijke middelen bij de handhaving van het milieurecht door het openbaar bestuur en het Openbaar Ministerie? Om de vraag naar de effectiviteit van handhaving te kunnen beantwoorden is het nodig vast te stellen wat in dit verband onder effectiviteit moet worden verstaan. In het onderzoek is aantal mogelijke maatstaven voor de effectiviteit van milieuhandhaving gepresenteerd. Dit mondt uit in een zgn. doelboom. Hieruit zijn diverse maatstaven voor de effectiviteit van handhaving af te leiden. Binnen twee arrondissementen zijn 58 casestudy’s uitgevoerd. Een case is gedefinieerd als een overtreding van milieuvoorschriften door een bedrijf (inrichting) waarop hetzij bestuurlijk, hetzij strafrechtelijk, hetzij in een combinatie van beide handhavend is opgetreden. Van elke casus zijn de strafrechtelijke en bestuurlijke dossiers (voor zover aanwezig) bestudeerd. Ook zijn de handhavers in kwestie over de zaak geïnterviewd, teneinde informatie te krijgen die niet uit het dossier is op te maken. Op grond daarvan is het totale handhavings proces gereconstrueerd. Met de casestudy’s werd beoogd meer inzicht te krijgen in de relatieve effectiviteit van strafrechtelijke en bestuursrechtelijke sanctioneringsinstrumenten in verschillende handhavingssituaties. Onderzocht is in hoeverre het eerder genoemde beslismodel wordt ondersteund door ervaringen uit de praktijk.Het onderzoek is uitgemond in een beslismodel dat op basis van de bevindingen van de casestudy’s nader is verfijnd. Op grond van het beslismodel kan op basis van kenmerken van het delict en de overtreder bepaald worden op welke wijze idealiter gehandhaafd zou moeten worden. Bij de toepassing van het model moet voor een optimale effectiviteit van de handhaving aan een aantal, eerder genoemde randvoorwaarden voor een effectieve handhaving worden voldaan. Hierbij kan gedacht worden aan aspecten als tijdig, snel (lik op stuk) en adequaat (doorpakken door bestuur en OM) handhaven. | ||
| • | Titel: | De elektronische handtekening in het bestuursrecht: ontwikkelingen in Nederland en Europa |
|
| Auteur: | Groothuis, M.M; Hof, van der, S. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Computerrecht | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | De intrekking van begunstigende beschikkingen door bestuursorganen |
|
| Auteur: | Ouden, W. den | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Bestuursrecht harmoniseren: 15 jaar Awb, p. 715-994 | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | De ontwikkeling van het algemeen bestuursrecht van 1900 tot heden. Welke kansen zijn er nu? |
|
| Auteur: | Polak, J.E.M. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | De rechter neemt de wijk. De buurtrechter. |
|
| Auteur: | M. Vols, J.G.Brouwer | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Openbaar Bestuur | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Openbare-ordeproblemen nemen hand over hand toe. Nochtans heeft de burgemeester als eerstverantwoordelijke gezagsdrager voor de handhaving van de openbare orde er de laatste jaren talloze bevoegdheden bij gekregen. Moeten we op de ingeslagen weg voortgaan of kan het anders? In dit artikel wordt het idee van een buurtrechter geintroduceerd. | ||
| • | Titel: | De stormloop op het hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep |
|
| Auteur: | A.T. Marseille | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Nederlands Juristenblad | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | De tachtigers in het recht: het Meerenberg arrest |
|
| Auteur: | Voermans, W.J.M. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Ars Aequi | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | De werking van de WBP in kaart gebracht: onbekend maakt onbemind |
|
| Auteur: | H.B.Winter | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | RegelMaat | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Het artikel is weergave van de bevindingen van de empirische evaluatie van de Wet bescherming persoonsgegevens. | ||
| • | Titel: | De wet intern klachtrecht geevalueerd: hoe krijgen we tevreden klagers? |
|
| Auteur: | Winter, H.B.; Herweijer, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | NTB 2007 p. 235- 244 | ||
| • | Titel: | De zitting bij de bestuursrechter |
|
| Auteur: | Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Beschrijving: | Boek. ISBN 978-90-8974-103-5 | ||
| Abstract: | Neerslag van een in 2002 uitgevoerd onderzoek naar de praktijk van de zitting bij de bestuursrechter. | ||
| • | Titel: | Een advocaat-generaal voor de hoogste bestuursrechters. Over de noodzaak en de vormgeving |
|
| Auteur: | Marseille, A.T.; Graaf, K.J. de; Smit, A.J.H. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht 2008, afl. 3, p. 67-76 | ||
| • | Titel: | Een weg uit de doolhof? Het Voorontwerp overheidsaansprakelijkheid gewogen |
|
| Auteur: | de Graaf, K.J.; Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | NJB 2007, afl. 32, p. 2010-2017 (nr. 1682) | ||
| Beschrijving: | Het is geen sinecure om door overheidshandelen geleden schade vergoed te krijgen. De procedures die moeten worden doorlopen, zouden te ingewikkeld zijn, niet goed op elkaar zijn afgestemd, te veel drempels bevatten en te lang duren, met als gevolg dat schadevergoedingsclaims tegen de overheid niet of slechts met bovenmatige inspanningen kunnen worden verzilverd. Biedt het recent uitgebrachte Voorontwerp tot wijziging van de Awb uitkomst? | ||
| • | Titel: | E-government en elektronisch bestuurlijk verkeer. Recente ontwikkelingen in jurisprudentie en wetgeving |
|
| Auteur: | Groothuis, M.M. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Tijdschrift voor Internetrecht | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | Electronic Services in a Decentralized State |
|
| Auteur: | Leenes, R.E.; Svensson, J. | ||
| Bron: | Universiteit van Tilburg | ||
| Jaar: | 2004 | ||
| • | Titel: | Elektronisch procederen bij de bestuursrechter |
|
| Auteur: | Groothuis, M.M. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Computerrecht | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| • | Titel: | Europese grenzen aan het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel |
|
| Auteur: | Brink, J.E. van den | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Evaluatieverslag proof of concept centrale server bouwaanvragen |
|
| Auteur: | dr. Ronald Leenes, mr. Berend de Vries | ||
| Bron: | Universiteit van Tilburg | ||
| • | Titel: | Feitenvaststelling in beroep |
|
| Auteur: | Barkhuysen, T.; Damen, L.J.A.; Graaf, K.J. de; Marseille, A.T.; Ouden, W. den; Schuurmans, Y.E.; Tollenaar, A. | ||
| Bron: | Rijksuniveristeit Groningen | ||
| Beschrijving: | Dit deelrapport van de Derde Evaluatie van de Algemene wet bestuursrecht gaat over de feitenvaststelling in beroep. De feiten zijn vaak van doorslaggevend belang voor de beoordeling van bestuursrechtelijke geschillen. Toch bevat de Awb weinig bepalingen die de feitenvaststelling reguleren. Er is bovendien weinig zicht op de wijze waarop de bestuursrechter in de praktijk de feiten vaststelt en hoe hij daarbij gebruikmaakt van zijn onderzoeksbevoegdheden. In dit onderzoek staat centraal aan welke eisen van nationaal en Europees recht de rechter is gebonden wanneer hij feiten vaststelt of toetst, hoe de rechter dat in de praktijk doet, of deze praktijk volgens procesdeelnemers voldoet en of de praktijk in overeenstemming is met de daarvoor geldende rechtsnormen. In dat kader is zowel juridisch-normatief als empirisch onderzoek verricht. Op die basis is bezien waar zich knelpunten voordoen bij de feitenvaststelling en hoe deze kunnen worden verholpen. Dit resulteert in een door de onderzoekers ontwikkeld model voor feitenvaststelling in het bestuurs(proces)recht en een aantal aanbevelingen. | ||
| • | Titel: | Gebiedsontzeggingen in het systeem van het openbare-orderecht |
|
| Auteur: | Brouwer, J.G.; Schilder, A.E. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie Bestuursrecht plus | ||
| Jaar: | 2007 | ||
| Abstract: | Bij de handhaving van de openbare orde maken burgemeesters in toenemende mate gebruik van maatregelen die de bewegingsvrijheid van burgers beperken. Dit gebeurt op basis van de APV, als ook op grond van de lichte bevelsbevoegdheid in de Gemeentewet. Hierbij wordt zowel in de bestuurspraktijk als in de rechtspraak onvoldoende onderscheid gemaakt tussen de aard van deze verschillende bevoegdheden. Vergeten wordt dat de maatregelen ter onmiddellijke handhaving van de openbare orde vanwege hun geringe democratische legitimatie slechts onder zeer specifieke condities kunnen worden ingezet. Bewegingsbeperkende maatregelen op basis van de APV roepen weer andere rechtstatelijke problemen op. Niet-naleving van een gemeentelijke verordening is een overtreding, het negeren van een burgemeesterlijke gebiedsontzegging levert een misdrijf op. In de praktijk is het verleidelijk nog slechts op misdrijfniveau te vervolgen. De auteurs bespreken deze ontwikkelingen en beogen bij te dragen aan een meer systematische beoefening van het openbare-orderecht. | ||
| • | Titel: | Gebiedsontzeggingen in het systeem van het openbare-orderecht |
|
| Auteur: | Brouwer, J.G.; Schilder, A.E. | ||
| Gepubliceerd in: | JB Plus | ||
| Jaar: | 2007 | ||
| Abstract: | Bij de handhaving van de openbare orde maken burgemeesters in toenemende mate gebruik van maatregelen die de bewegingsvrijheid van burgers beperken. Dit gebeurt op basis van de APV, als ook op grond van de lichte bevelsbevoegdheid in de Gemeentewet. Hierbij wordt zowel in de bestuurspraktijk als in de rechtspraak onvoldoende onderscheid gemaakt tussen de aard van deze verschillende bevoegdheden. Vergeten wordt dat de maatregelen ter onmiddellijke handhaving van de openbare orde vanwege hun geringe democratische legitimatie slechts onder zeer specifieke condities kunnen worden ingezet. Bewegingsbeperkende maatregelen op basis van de APV roepen weer andere rechtstatelijke problemen op. Niet-naleving van een gemeentelijke verordening is een overtreding, het negeren van een burgemeesterlijke gebiedsontzegging levert een misdrijf op. In de praktijk is het verleidelijk nog slechts op misdrijfniveau te vervolgen. De auteurs bespreken deze ontwikkelingen en beogen bij te dragen aan een meer systematische beoefening van het openbare-orderecht. | ||
| • | Titel: | Geschilbeslechting door de OPTA: Een voorbeeld voor geschilbeslechting in het bestuursrecht? |
|
| Auteur: | Danopoulos, A. | ||
| Bron: | Erasmus Universiteit Rotterdam | ||
| Gepubliceerd in: | Wolf Legal Publishers, Nijmegen | ||
| Jaar: | 2009-04-23 | ||
| Abstract: | Het woord telecommunicatie bestaat uit het Griekse woord tèle, dat ver betekent, en uit het Latijnse woord communicare, dat mededelen betekent. Het houdt volgens de dikke van Dale in: het overbrengen van informatie over een grote afstand door middel van telegrafie, telefonie, radar, televisie en andere middelen.1 Het gaat om communicatie op afstand zonder dat iemand zich daartoe fysiek verplaatst. Al vanouds werd door mensen getracht om over grote afstanden met elkaar te communiceren zonder fysieke verplaatsing. Te denken valt aan communicatie door middel van rooksignalen en via postduiven. De moderne telecommunicatiemiddelen bestaan uit elektronische communicatiemiddelen. De laatste jaren vormen met name de mobiele telefoon en het internet populaire middelen van communicatie. Tegenwoordig is bijna iedereen in het bezit van een mobiele telefoon. Er zijn verschillende telecommunicatieondernemingen waarbij men zich kan aansluiten voor een abonnement of een prepaid kaart om op het mobiele netwerk te worden aangesloten. Deze keuzevrijheid van de consument brengt met zich mee dat niet iedereen bij dezelfde telecomprovider is aangesloten. Het is daarom zeer belangrijk dat ook personen die bij verschillende ondernemingen zijn aangesloten met elkaar kunnen communiceren. Om die reden dienen deze telecommunicatieondernemingen met elkaar afspraken te maken. Zij moeten elkaar toegang verlenen tot elkaars netwerken om deze gesprekken tussen hun klanten mogelijk te maken. De Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) is de toezichthouder op de telecommunicatiemarkt. Eén van haar taken is erop toezien dat de prijzen van mobiel bellen niet te hoog worden doorberekend aan de consument. Over de tarieven voor mobiel bellen en het versturen van sms-berichten is met grote regelmaat een artikel in de krant te lezen.2 Telecommunicatie is dan ook een actueel onderwerp dat vrijwel iedereen direct raakt. | ||
| • | Titel: | Handhaven met beleid |
|
| Auteur: | Tollenaar, A. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Gst 7268, 2007 (21), p 81-89 | ||
| Beschrijving: | Bestuursorganen hebben beleidsvrijheid bij het uitoefenen van handhavingsbevoegdheden. In wetgeving en door toezichthouders worden gemeentelijke bestuursorganen verplicht of aangespoord om handhavingsbeleid te formuleren. Ook de bestuursrechter oordeelt soms dat het bestuursorgaan alleen rechtmatig kan handhaven, wanneer het zich baseert op een beleid. Voor dit artikel is nagegaan wat het belang is van beleid voor de handhaving van bouw- en ruimtelijke ordeningsregels door het gemeentebestuur. Daarbij wordt meer in het bijzonder ingegaan op de bijzondere consequenties van de kwalificatie van handhavingsbeleid als beleidsregels. In het licht hiervan wordt de praktijk, zoals die is onderzocht in een achttal gemeenten, beoordeeld. | ||
| • | Titel: | Handreiking aanpak verloederde tuinen |
|
| Auteur: | M.Vols | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | Verloederde tuinen zijn bewoners vaak een doorn in het oog. Ze doen de leefbaarheid in de wijken teniet. Met de handreiking kunnen gemeenten en corporaties deze ergernis tegengaan. Bijvoorbeeld door gesprekken te voeren. Maar ook met juridische maatregelen zoals handhaving, een last onder dwangsom of bestuursdwang. Een verhuurder kan de kosten van een herstelling verhalen als servicekostenpost. En in het uiterste geval kan de rechter de huurovereenkomst wegens wanprestatie ontbinden. | ||
| • | Titel: | Hennepkwekerij en 174a Gemeentewet |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Het aanvullen van de rechtsgronden : de betekenis van art. 8:69 Awb in het licht van art. 48 (oud) Rv |
|
| Auteur: | Crommelin, Robert Willem Jacob | ||
| Beschrijving: | The subject of this thesis is the powers of the administrative and civil courts relating to the law and the facts. It covers the duty to supplement the legal grounds of both courts, the prohibition against supplementing the facts of the civil court and the discretionary power to supplement the facts of the administrative court. Also discussed are the civil procedural and administrative procedural law as the setting for the application of these articles, a number of characteristics and principles of both laws and t he respective court’s task in the procedure. The recent (proposed) changes tot civil procedural law are discussed as well. The aim of the research for this thesis was to determine the meaning of Article 8:69 Awb in the light of Article 48 (old) Rv. The problem was researched from the perspective of the court, legal counsel and the ‘interested party’ which finds itself or himself confronted with the application of Article 8:69 Awb and wishes to know what the provisions of this article mean and what their effect is in the proceedings. | ||
| • | Titel: | Het beste van twee werelden: publieke en private belangen door de ogen van de burger |
|
| Auteur: | Hertogh, Marc en Meij, Marieke van der | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Publiek/privaat: vervlechten of ontvlechten? | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | Hoofdstuk uit het boek: Publiek/privaat: vervlechten of ontvlechten? Intersentia 2010 | ||
| • | Titel: | Het beste van twee werelden: publieke en private belangen door de ogen van de burger |
|
| Auteur: | Hertogh, Marc en Meij, Marieke van der | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Publiek/privaat: vervlechten of ontvlechten? | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | Hoofdstuk uit het boek: Publiek/privaat: vervlechten of ontvlechten? Intersentia 2010 | ||
| • | Titel: | Het EVRM als inspiratiebron en correctiemechanisme voor de Awb |
|
| Auteur: | Barkhuysen, T; Emmerik, M.L. van | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Bestuursrecht harmoniseren: 15 jaar Awb, p. 557-558 | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Het is maar wat je bijzonder noemt. Rechterlijke toetsing aan beleid en beleidsregels |
|
| Auteur: | Tollenaar, A. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Beschrijving: | Het eigenaardige van beleidsregels is dat deze regels niet in alle gevallen hoeven en kunnen worden toegepast. Met dit kenmerk onderscheiden beleidsregels zich van algemeen verbindende voorschriften, die immers altijd moeten worden toegepast. Beleidsregels verschillen op dit punt weer niet van al die overige regels die niet als beleidsregel of algemeen verbindende voorschriften kunnen worden aangemerkt en doorgaans worden aangeduid als ‘beleid’ . Toch is er tussen beleidsregels en het overige beleid mogelijk weer wel een verschil in de mate waarin het bestuursorgaan gehouden is om het beleid respectievelijk de beleidsregels toe te passen. Voor beleidsregels volgt de binding immers uit art. 4:84 Awb, terwijl voor het overige beleid het ongeschreven recht nog altijd relevant is. In dit artikel wordt nagegaan of de binding aan beleid en beleidsregels inderdaad verschilt. | ||
| • | Titel: | Instrumentele waarde van de Wet Bibob |
|
| Auteur: | Tollenaar, A. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jonge VAR | ||
| Jaar: | 2008 | ||
| Abstract: | De Wet Bibob is met veel kritiek omgeven. In de literatuur worden vooral de noodzaak, de uitvoerbaarheid en de effectiviteit van het instrument bekritiseerd. Het bestuursrecht zou niet geschikt zijn om strafrechtelijke doelen te dienen. Het bestuursorgaan lijkt een ‘crimefighter’ te worden, terwijl het daartoe de middelen en de kennis ontbeert. Bovendien krijgt het bestuursorgaan een zeer ingrijpend instrument tot zijn beschikking, dat een zware inbreuk maakt op de privacy van betrokkenen, terwijl er minder ingrijpende alternatieven voor handen zouden zijn. Om deze kritiek te kunnen beoordelen is kennis noodzakelijk over de toepassing van de Wet Bibob door bestuursorganen. In dit preadvies, geschreven voor de jaarvergadering van de Jonge VAR van 2008, wordt de bestuurlijke praktijk van de Wet Bibob in kaart gebracht en getoetst aan oorspronkelijke uitgangspunten van de wetgever. | ||
| • | Titel: | Kaderwet Zelfstandige Bestuursorganen; uniformiteit of verscheidenheid? |
|
| Auteur: | Thiel, S. van | ||
| • | Titel: | Kroniek van het algemeen bestuursrecht. Eenheid, snelheid en effectiviteit |
|
| Auteur: | Ouden, W. den; Polak, J.E.M. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Nederlands Juristenblad | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | NA VIJFTIEN JAAR AWB BWKT DAT HET ALGEMENE BESTUURSRECHT NOG VERRE VAN UITGEKRISTALLISEERD IS EN DAT HET NIET ALTlJD BEVREDIGEND WERKT. BINNENKORT IS EEN WETSVOORSTEL TE VERWACHTEN TOT HERVORMING VAN HET BESTUURRECHT WAARIN DE MOGELIJKHEID WORDT GECREEERD VOOR DE HOOGSTE BESTUURSRECHTELIJIKE INSTANTIES OM GEBRUIK TE MAKEN VAN EEN 'GROTE KAMER'. 00K ZAL HET MOGELIJK WORDEN OM IN EEN BESTUURSRECHTELIJKE ZAAK EEN CONCLUSIE TE VRAGEN. EN HET BELANGHEBBENDEBEGRIP IS NOG ALTIJD GEEN RUSTIG BEZIT. | ||
| • | Titel: | Legal factors of legal quality |
|
| Auteur: | H.E. Broring ; A. Tollenaar | ||
| Bron: | Rijksuniveristeit Groningen | ||
| Beschrijving: | Gepubliceerd in: Quality of Decision-Making in Public Law ISBN: 978-90-76871-85-1 | ||
| • | Titel: | Liability of Public Authorities in Cases of Non-Enforcement of Environmental Standards |
|
| Auteur: | de Graaf, K.J.; Jans, J.H. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Pace Environmental Law Review 2007 (Vol. 24, Issue 2), p. 377-398 | ||
| Beschrijving: | This paper will explore the possibility of using tort law based instruments for the enforcement of environmental standards. Not by using these instruments vis-`a-vis those who are violating environmental standards (which could be regarded as a rather innovative approach to the subject), but vis-`a-vis public authorities not taking sufficient enforcement action with respect to persons and undertakings who are primarily responsible for the environmental harm. Our main question therefore is, whether a non- or unsatisfactory enforcement of environmental law by public authorities can result in liability to pay damages based on general civil law. The approach that will be introduced is one of the “hottest” and most discussed subjects in legal practice and academia alike, in the Netherlands today. | ||
| • | Titel: | Nadeelcompensatie op basis van het égalitébeginsel : een onderzoek naar nationaal, Frans en Europees recht |
|
| Auteur: | Tjepkema, Michiel Kees Gerard | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Doctoral thesis; ISBN: 9789013076790 | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | Dit boek bevat een uitvoerige studie naar het beginsel ‘égalité devant les charges publiques’, de belangrijkste rechtsgrond voor schadevergoeding bij rechtmatig overheidsoptreden (nadeelcompensatie). Het égalitébeginsel heeft inmiddels vaste voet aan de grond gekregen in het bestuursrecht en het civiele recht. Het boek schetst eerst de langzame, maar onstuitbare opkomst van het beginsel in de Nederlandse wetgeving, doctrine en jurisprudentie. Vervolgens worden diverse vragen rond het beginsel beantwoord. Is het zonder meer van toepassing op alle vormen van rechtmatig overheidshandelen? Hoe wordt het begrip ‘onevenredig nadeel’ geïnterpreteerd? Welke invulling krijgen civielrechtelijke criteria uit afdeling 6.1.10 BW (causaal verband, voordeelstoerekening, eigen schuld) in geschillen over nadeelcompensatie? Hoe verhoudt het égalitébeginsel zich tot artikel 3:4, tweede lid Awb? Naast het nationale recht wordt uitvoerig aandacht besteed aan het Franse recht, waarin het beginsel primair tot ontwikkeling is gekomen. Ook Europeesrechtelijke aspecten van de aansprakelijkheid uit rechtmatige daad komen ruimschoots aan bod. Zo wordt verkend hoe het égalitébeginsel zich verhoudt tot het eigendomsrecht van artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Ook wordt onderzocht wanneer nadeelcompensatie mogelijk belandt in het vaarwater van de verboden staatssteun (art. 107 VwEU) en of het égalitébeginsel ook van betekenis voor de buiten-contractuele aansprakelijkheid van de instellingen van de Europese Unie (art. 340 VwEU). | ||
| • | Titel: | Omgevingsrecht in crisis(tijd) |
|
| Auteur: | Barkhuysen, T. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | NJB | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Oordelen over effecten van bestuursrecht |
|
| Auteur: | Herweijer, M.; Jong, P.O. de; Ridder, J. de | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Beschrijving: | Digitale versie van de gelijknamige publicatie; deel 18 uit de serie Uitgaven van de Vakgroep Bestuursrecht en Bestuurskunde, augustus 2005. | ||
| • | Titel: | Overlast en verloedering. Evaluatie wetten Victoria en Victor |
|
| Auteur: | Vols, M.; Jonge, de A. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | VROM inspectie | ||
| Jaar: | 2009 | ||
| Abstract: | De instrumenten Victoria (artikel 174a Gemeentewet) en Victor (artikel 14 Woningwet en artikel 77 lid 1 sub 7 Onteigeningswet) zijn in respectievelijk 1997 en 2002 op verzoek van gemeenten ontwikkeld. Zij geven burgemeesters de mogelijkheid om overlastpanden te sluiten en om gesloten panden in beheer te geven of te nemen, of als laatste stap te onteigenen. Dit onderzoek geeft een indicatief beeld van de toepassing van de wetgeving in de praktijk en de knelpunten en onduidelijkheden, die gemeenten daarbij ervaren. Hierbij komt ook de Wet Damocles (artikel 13b Opiumwet) ter sprake, omdat deze een deel van de functie van de Wet Victoria heeft overgenomen, als gevolg van de wetswijziging in november 2007. Ook worden enkele praktijkervaringen beschreven. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van het Actieplan “Overlast en Verloedering”. Dit is een onderdeel van het project “Veiligheid begint bij voorkomen” van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Justitie. | ||
| • | Titel: | Over vrijstellingsbeleid en flitsvergunning |
|
| Auteur: | Tollenaar, A., Openbaar Bestuur, maart 2006, p. 32-36 | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Openbaar Bestuur, maart 2006, p. 32-36 | ||
| Beschrijving: | De normerende werking van bestemmingsplannen wordt ondermijnd door de bevoegdheid om daarvan vrijstelling te verlenen. Deze bevoegdheid biedt het bestuursorgaan veel ruimte en leidt daardoor tot het ontwikkelen van beleid. Hoe ziet dit vrijstellingsbeleid eruit, hoe wordt het toegepast en vooral hoe moet dit vrijstellingsbeleid juridisch worden gekwalificeerd? | ||
| • | Titel: | Parlementaire invloed op de Awb: de reactie op de opkomst van het bestuursrecht nader verkend |
|
| Auteur: | Napel, H.M.Th.D. ten | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Bestuursrecht harmoniseren: 15 jaar Awb, p.57-72 | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Preventieve bestuurlijke rechtshandhaving |
|
| Auteur: | Oratie Prof mr L.J.J. Rogier | ||
| Bron: | Erasmus Universiteit Rotterdam | ||
| • | Titel: | Preventieve sluiting voetbalcafé |
|
| Auteur: | Vols, M. ; Brouwer, J.G. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Review of final decisions in the Netherlands, Germany and Europe |
|
| Auteur: | Graaf, K.J. de; Marseille, A.T. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Quality of Decision-Making in Public Law ISBN: 978-90-76871-85-1 | ||
| Beschrijving: | Hoofdstuk 6 van het boek: Quality of Decision-Making in Public Law (ISBN: 978-90-76871-85-1) | ||
| • | Titel: | Schikken in het bestuursrecht: een rechtsvergelijkend onderzoek naar de mogelijkheden en consequenties van schikken in bestuursrechtelijke procedures |
|
| Auteur: | Graaf, Kars Jan de | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| • | Titel: | Self-regulation as a regulatory strategy: The Italian legal framework |
|
| Auteur: | Simona Rodriquez | ||
| Bron: | Universiteit Utrecht - Utrecht Law Review, Volume 3, Issue 2 (December 2007) | ||
| Beschrijving: | This article aims to provide an overview of the evolution of self-regulatory mechanisms in Italy. A brief overview of the Italian system of sources of law has showed that the model of the sources of law rooted in the Italian constitution is typically positivistic and centred on the pivotal role of Parliament, the only body empowered to legislate, either directly or by delegating its normative powers to the Government, within expressly specified limits. What room, if any, is there for self-regulatory rules? If one of the most interesting aims of the research was to analyse to what extent the self-regulatory phenomenon is compatible with Parliament’s undisputed sovereignty and with the linked principle of the rule of law, it should be clear that rules made by private actors (i.e. self-regulatory rules), which pretend to have external effects (binding erga omnes), can be considered as law and, as such, as sources of law, as long as they can be ‘incorporated’ into and recognized in some of the formal sources of Italian law. This seems the only possible and constitutionally compatible interpretation of a phenomenon (self-regulation) which, instead, could potentially be able to place the formal hierarchy of sources of law in jeopardy. On the other hand, the results of the study make clear that, even when Parliament confers its normative powers on any other bodies (i.e. either independent administrative authorities or professional orders, or, more in general, any self-regulatory associations), it is unlikely that it will give up determining the limits within which those normative powers have to be exercised. Some authors actually consider this sort of ‘delegated legislation’ to be a means for the State to reassert its sovereignty. Anyway, this new pluralistic ‘architecture’ will undoubtedly allow the legislator to retain some exclusive duties: first and foremost, the power to prescribe the institutional conditions which underlie the basis of ‘private self-regulatory governance’, as well as the aims of their future normative action; secondly, to intervene in order to correct, if necessary, the new consensual rules. | ||
| • | Titel: | Sesam open u! |
|
| Auteur: | Gert-Jan Leenknegt, Hans Peters | ||
| Bron: | Universiteit van Tilburg | ||
| Beschrijving: | Over de Greet Hofmansaffaire, de Wob, de Koning als bestuursorgaan en de toegang tot het Koninklijk Huisarchief | ||
| • | Titel: | Sluiting 174a en woonoverlast Apeldoorn |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Terugvordering van onrechtmatige staatssteun. Knelpunten en oplossingen in het Nederlandse recht |
|
| Auteur: | Adriaanse, P.C. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Part of book or chapter of book: Contribution Europees recht effectueren, Algemeen bestuursrecht als instrument voor de effectieve uitvoering van EG-recht- ISBN 9789013046281. pp. 199-231 | ||
| • | Titel: | The enforcement of EC rights against national authorities and the influence of Kobler and Kuhne & Heitz on Italian administrative law: opening Pandora's box? |
|
| Auteur: | Eliantonio, Mariolina; Universiteit Maastricht | ||
| Bron: | Universiteit Maastricht | ||
| • | Titel: | The legal framework for self-regulation in the Netherlands |
|
| Auteur: | Zayènne D. Van Heesen-Laclé & Anne C.M. Meuwese | ||
| Bron: | Universiteit Utrecht | ||
| Gepubliceerd in: | Utrecht Law Review, Volume 3, Issue 2 (December 2007) | ||
| Beschrijving: | The debate on the viability of self-regulation as a mode of regulation is split and is conducted at two different levels. The insights from sophisticated regulation theory do not transpose easily to the practical concerns of those considering self-regulation as an alternative to legislation. And yet in this era of ‘Better Regulation’, self-regulation is increasingly called for by stakeholders and sometimes also by public authorities. This article aims to bring theory and practice one step closer together by analysing how in one concrete European legal system, that of the Netherlands, self-regulatory mechanisms are received. From an investigation into topics such as the relevance of fundamental rights, the public/private nature of self-regulatory bodies and the scope of liability for self-regulation, the persisting formal division between public law regulation (unilateral and therefore bound by constitutional norms) and self-regulation (assumed to be bilateral and therefore positioned in the realm of private law) emerges. Furthermore, the growing popularity of public law mechanisms at the expense of (pure) self-regulatory mechanisms can be observed. This is partly because in the current legal structure the voluntary nature of many self-regulatory arrangements is not always protected or acknowledged. | ||
| • | Titel: | The principle of legitimate expectations in Dutch constitutional and administrative law |
|
| Auteur: | Berge, Gio ten; Widdershoven, R.J.G.M. | ||
| Bron: | Universiteit Utrecht | ||
| Gepubliceerd in: | Netherlands reports to the fifteenth international congress of comparative law p. 421-452 | ||
| Jaar: | 1998 | ||
| Beschrijving: | Conference report 90-5095-041-8 | ||
| Abstract: | “An important function of the law is to provide certainty by making possible legitimate expectations”.1 “The law cannot be based on trust and expectations, however reasonable and fair they may be”.2 These are just two quotations from Dutch literature on the principle of legitimate expectations. Although there is a clear tension between the two quotations, both are nonetheless true. On the one hand, the law must offer certainty and constancy so that individuals can direct their actions accordingly. For this purpose laws are established and binding decisions are taken, and since these laws and decisions create legitimate expectations in the minds of individuals they cannot arbitrarily be amended or repealed later on. On the other hand, the law cannot be static because it has to give shape to a concept such as justice in a rapidly changing society. Our society expects government to pursue an ambitious environmental policy, to take far-reaching measures to combat unemployment, and to ensure that the EMU criteria are fulfilled. These wishes require continuous adjustment of the law. | ||
| • | Titel: | Versnelling van infrastructurele en bouwprojecten: de Crisis en herstelwet voorbij? |
|
| Auteur: | Barkhuysen, T; Kortmann, C.N.J. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Ars Aequi, p. 326 - 334 | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Versnelling van infrastructurele en bouwprojecten: de Crisis en herstelwet voorbij? |
|
| Auteur: | Barkhuysen, T., Kortmann, C.N.J. | ||
| Bron: | Universiteit Leiden | ||
| Gepubliceerd in: | Ars Aequi | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Wetsoverstijgende evaluaties |
|
| Auteur: | Heinrich Winter; Carolien Klein Haarhuis | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Tijdschrift voor Gezondheidsrecht | ||
| Beschrijving: | Vijf bijdragen in het Tijdschrift voor Gezondheidsrecht over thematische evaluatie van regelgeving worden door ons nader beschouwd. In onze reactie vragen wij ons af wat onder een wetsoverstijgende evaluatie verstaan moet worden. Is dat hetzelfde als een meta-evaluatie, of toch iets anders? En wat is dan weer een onderzoekssynthese van wetsevaluaties? | ||
| • | Titel: | Wet tijdelijk huisverbod |
|
| Auteur: | Vols, M. | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Gepubliceerd in: | Jurisprudentie voor Gemeenten | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| • | Titel: | Woonoverlast. Een analyse van de aanpak van woonoverlast en verloedering |
|
| Auteur: | M. Vols en T. Holtslag | ||
| Bron: | Rijksuniversiteit Groningen | ||
| Jaar: | 2010 | ||
| Abstract: | Een juridisch onderzoek naar de aanpak van overlastgevende gedragingen in en rondom de woning. Bovendien is onderzoek verricht naar ervaringen met de aanpak van woonoverlast in de gemeentelijke praktijk. |

